Het totaal berekenen als je een deel weet
Lesdoel: "Ik kan het totaal berekenen als ik een deel weet."
Zo coacht u: het stappenplan 'Het totaal berekenen als je een deel weet' van school
Uw kind leerde vandaag de omgekeerde som: het weet een deel en zoekt het geheel. Is 3/4 gelijk aan 21, dan zijn 3 stukken samen 21, dus één stuk is 21 : 3 = 7, en het hele getal is 4 × 7 = 28. Het totaal is groter dan het deel dat uw kind wist.
- Laat uw kind vertellen. U luistert en vraagt door.
- Vraag, maar zeg het antwoord niet voor. Ook niet als u het weet.
- Prijs de aanpak, niet alleen het antwoord.
- Teken een strook. De noemer zegt in hoeveel gelijke stukken je hem verdeelt.VraagWelk getal staat onder de streep? In hoeveel gelijke stukken verdeel je de strook?
- De teller zegt hoeveel stukken je al weet. Kleur die stukken en zet het getal dat je weet erboven.VraagHoeveel stukken ken je al? Welk getal staat boven die stukken?
- Reken uit hoeveel één stuk is: het getal dat je weet gedeeld door de teller.VraagHoeveel is één stuk? Door welk getal deel je?
- Reken het totaal uit: één stuk keer de noemer. Klopt het? Je wist maar een deel (minder dan 1 hele), dus het totaal is groter dan het getal dat je wist.VraagHoeveel is het totaal? Is het groter dan het getal dat je wist?
Samen oefenen aan tafel
- 1/6 van een getal is 7. Wat is het hele getal?Vraag: in hoeveel stukken is de strook verdeeld? Hoeveel stukken ken je?1: 42
- 3/5 van een getal is 21. Wat is het hele getal?Vraag: hoeveel stukken zijn samen 21? Wat is dan één stuk?2: één stuk 7, dus 35
- 5/8 van een getal is 30. Wat is het hele getal?Vraag: is je antwoord groter dan 30? Hoe weet je dat?3: één stuk 6, dus 48
- Uit het dagelijks leven: je hebt 2/3 van een reep chocolade opgegeten. Dat zijn 8 stukjes. Hoeveel stukjes heeft de hele reep?Vraag: teken de strook. Welke stukken zijn opgegeten?4: één stuk 4, dus 12 stukjes.
Hoe ging het?
Tip van de juf
- Dé fout van vandaag: de som van de vorige les maken (een deel ván het getal). Bij 2/5 is 20 rekent uw kind dan 20 : 5 = 4, en het antwoord 8 is kleiner dan 20. Vraag altijd: 'Is dit een deel of het geheel? Is je antwoord groter dan wat je wist?'
- Bij verhaaltjes gebruikt de klas altijd het 5-stappenplan: lees 2 keer · wat weet ik, wat is de vraag? · schrijf de som op · reken uit · controleer + eenheid. Hier is 'reken uit' eerst delen door de teller en dan keer de noemer.
Working out the total when you know a part
Learning goal: "I can work out the total when I know a part."
How you coach: the school's plan 'Het totaal berekenen als je een deel weet'
Today your child learned the reverse sum: knowing a part and looking for the whole. If 3/4 is 21, then 3 pieces together are 21, so one piece is 21 : 3 = 7 (: means 'divided by'), and the whole number is 4 × 7 = 28. The total is bigger than the part your child knew.
- Let your child explain. You listen and ask more.
- Ask, but do not give the answer. Not even if you know it.
- Praise the method, not just the answer.
- Draw a strip (strook). The noemer (denominator, below the line) tells you into how many equal pieces you divide it.AskWhich number is below the line? Into how many equal pieces do you divide the strip?
- The teller (numerator, above the line) tells you how many pieces you already know. Colour those pieces and write the number you know above them.AskHow many pieces do you already know? Which number is above those pieces?
- Work out how much one piece is: the number you know divided by the teller.AskHow much is one piece? Which number do you divide by?
- Work out the total: one piece times the noemer. Is it right? You only knew a part (less than 1 whole), so the total is bigger than the number you knew.AskHow much is the total? Is it bigger than the number you knew?
Words in bold are the Dutch words your child uses in class.
Practise together at the table
- 1/6 of a number is 7. What is the whole number?Ask: into how many pieces is the strip divided? How many pieces do you know?1: 42
- 3/5 of a number is 21. What is the whole number?Ask: how many pieces together are 21? So what is one piece?2: one piece 7, so 35
- 5/8 of a number is 30. What is the whole number?Ask: is your answer bigger than 30? How do you know?3: one piece 6, so 48
- From daily life: you have eaten 2/3 of a bar of chocolate. That is 8 squares. How many squares does the whole bar have?Ask: draw the strip. Which pieces have been eaten?4: one piece 4, so 12 squares.
How did it go?
Tip from the teacher
- The typical mistake: doing the sum of the previous lesson (a part óf the number). With 2/5 is 20, your child then works out 20 : 5 = 4, and the answer 8 is smaller than 20. Always ask: 'Is this a part or the whole? Is your answer bigger than what you knew?'
- For story sums the class always uses the 5-step plan (5-stappenplan): read it 2 times · what do I know, what is the question? · write down the sum · work it out · check + unit. Here 'work it out' is first dividing by the teller and then times the noemer.
Was deze kaart nuttig?Was this card useful?
Dank je! Je antwoord is anoniem; alleen het aantal gaat naar de juf.Thank you! Your answer is anonymous; only the count goes to the teacher.
Anoniem: alleen het aantal gaat naar de juf.Anonymous: only the count goes to the teacher.