Coachkaart voor thuis ยท De Bloesem

Het verkleinwoord met -nkje

Groep 6Spelling ยท Blok 8, week 1 ยท les 110 min, zonder scherm

Lesdoel: "Ik kan het verkleinwoord met -nkje goed schrijven."

Zo coacht u: het verkleinwoord met -nkje verwoorden zoals op school

Uw kind leerde vandaag een nieuwe categorie: het verkleinwoord met -nkje. Uw kind hoort /ngk/, maar schrijft nk. De regel: Verkleinwoord met -nkje. Plankwoord. Daar mag niets tussen. Dan je erachter. Terug naar het grondwoord kan niet: uw kind kijkt naar de categorieรซn in het woord en begint vooraan.

  • Laat uw kind vertellen. U luistert en vraagt door.
  • Vraag, maar zeg het antwoord niet voor. Ook niet als u het weet.
  • Prijs de aanpak, niet alleen het antwoord.
  1. Hoor je /ngk/ aan het eind van een verkleinwoord? Dan is het een verkleinwoord met -nkje.
    VraagWelke klank hoor je aan het eind?
  2. Zeg de regel: Verkleinwoord met -nkje. Plankwoord. Daar mag niets tussen. Dan je erachter.
    VraagWelke categorie is dit? Wat is de regel?
  3. Verwoord het woord van links naar rechts, met klanknamen (de klank, niet de naam van de letter). Wacht voor nkje, zeg het plankwoord en schrijf dan nkje.
    VraagWat zeg je net voordat je nkje schrijft?
  4. Zit er een voorvoegsel in (โ€œVoorvoegsel. Ik schrijf e.โ€)? Zeg ook die regel.
    VraagWelke categorieรซn zitten er verder in het woord?

Samen oefenen aan tafel

  1. Lees elk woord รฉรฉn keer voor; uw kind zegt het na en schrijft het op: het uitvoerinkje ยท het voorstellinkje.Vraag: wat hoor je aan het eind? Waar wacht je even?
  2. Werkwoorden: u zegt het hele werkwoord (bewonderen ยท vertellen ยท gebruiken); uw kind schrijft hij โ€ฆ in de tegenwoordige tijd en hij heeft โ€ฆ in de voltooide tijd.Vraag: wat is de ik-vorm? Welke werkwoordregel hoort erbij?
  3. Lees voor: โ€˜De buurman heeft drie kleine konijnen gevoerd.โ€™ Uw kind zet de woordsoort onder elk woord: lw, znw, hww, tw, bnw of vdw.Vraag: welk woord zegt hoeveel? Welk woord hoort bij heeft?
  4. Uw kind is de juf: laat het u uitleggen waarom je bij -nkje eerst even wacht en het plankwoord zegt, en pas dan nkje schrijft.Vraag: wat hoor je, en wat schrijf je?

Hoe ging het?

Tip van de juf

  • Eerst de regel zeggen, dan pas nkje schrijven: zo doet de juf het ook.
  • Zeg klanken, geen letternamen: zo verwoorden de kinderen op school.
Antwoorden voor de ouder: 1: het uitvoerinkje en het voorstellinkje: verkleinwoord met -nkje (de regel staat hierboven) ยท 2: hij bewondert โ€“ hij heeft bewonderd ยท hij vertelt โ€“ hij heeft verteld ยท hij gebruikt โ€“ hij heeft gebruikt ยท 3: De (lw) buurman (znw) heeft (hww) drie (tw) kleine (bnw) konijnen (znw) gevoerd (vdw) ยท 4: je hoort /ngk/, maar je schrijft nk; daarom wacht je voor nkje en zeg je eerst de regel
Home coaching card ยท De Bloesem

The diminutive with -nkje

Year group 6Spelling ยท Block 8, week 1 ยท lesson 110 min, no screens

Learning goal: "I can write the diminutive with -nkje correctly."

How you coach: talking the diminutive with -nkje through, as at school

Today your child learned a new category: the verkleinwoord met -nkje (diminutive with -nkje). Your child hears /ngk/, but writes nk. The rule: Verkleinwoord met -nkje. Plankwoord. Daar mag niets tussen. Dan je erachter. (Diminutive with -nkje. Plank word. Nothing may come in between. Then je after it.) Going back to the base word does not help: your child looks at the categories in the word, from the front.

  • Let your child explain. You listen and ask more.
  • Ask, but do not give the answer. Not even if you know it.
  • Praise the method, not just the answer.
  1. Do you hear /ngk/ at the end of a diminutive? Then it is a diminutive with -nkje.
    AskWhich sound do you hear at the end?
  2. Say the rule: Verkleinwoord met -nkje. Plankwoord. Daar mag niets tussen. Dan je erachter.
    AskWhich category is this? What is the rule?
  3. Talk the word through from left to right, using letter sounds (not letter names). Stop before nkje, say the plankwoord (plank word: you hear /ngk/, you write nk) and then write nkje.
    AskWhat do you say just before you write nkje?
  4. Is there a voorvoegsel (prefix) in it? Say that rule too: โ€œVoorvoegsel. Ik schrijf e.โ€ (Prefix. I write e.)
    AskWhich other categories are in the word?

Words in bold are the Dutch words your child uses in class.

Practise together at the table

  1. Read each word aloud once; your child says it back and writes it down: het uitvoerinkje ยท het voorstellinkje.Ask: what do you hear at the end? Where do you stop for a moment?
  2. Verbs: you say the whole verb (bewonderen ยท vertellen ยท gebruiken); your child writes hij โ€ฆ (present tense) and hij heeft โ€ฆ (perfect tense).Ask: what is the ik-vorm (the โ€˜Iโ€™ form)? Which verb rule goes with it?
  3. Read aloud: โ€˜De buurman heeft drie kleine konijnen gevoerd.โ€™ Your child writes the word class under each word: lw (article), znw (noun), hww (auxiliary verb), tw (number word), bnw (adjective) or vdw (past participle).Ask: which word says how many? Which word goes with heeft?
  4. Your child is the teacher: let them explain why you first stop and say the plank word, and only then write nkje.Ask: what do you hear, and what do you write?

How did it go?

Tip from the teacher

  • Say the rule first, then write nkje: just like the teacher.
  • Say sounds, not letter names, as at school.
Answers for the parent: 1: het uitvoerinkje and het voorstellinkje: verkleinwoord met -nkje (the rule is above) ยท 2: hij bewondert โ€“ hij heeft bewonderd ยท hij vertelt โ€“ hij heeft verteld ยท hij gebruikt โ€“ hij heeft gebruikt ยท 3: De (lw) buurman (znw) heeft (hww) drie (tw) kleine (bnw) konijnen (znw) gevoerd (vdw) ยท 4: you hear /ngk/ but write nk, so you stop and say the rule first

Was deze kaart nuttig?Was this card useful?

Anoniem: alleen het aantal gaat naar de juf.Anonymous: only the count goes to the teacher.

Deze kaart in een andere taal of laten voorlezen? Scan de code. This card in another language or read aloud? Scan the code.
De Bloesem ยท groep 6 ยท gemaakt bij de les van de juf De Bloesem ยท group 6 ยท made with the teacher's lesson