Coachkaart voor thuis ยท De Bloesem

Herhaling grammatica: de komma

Groep 6Spelling ยท Blok 6, week 4 ยท les 310 min, zonder scherm

Lesdoel: "Ik kan de grammaticaonderdelen waar ik nog moeite mee heb goed toepassen."

Zo coacht u: de komma en de zinsdelen

Uw kind herhaalde vandaag de grammatica. De komma geeft een korte rust in de zin. De komma staat bij een opsomming (behalve bij en en of), voor een voegwoord (behalve bij en en of) en voor of na de naam van iemand die wordt aangesproken. Ook zocht uw kind in een zin de zinsdelen.

  • Laat uw kind vertellen. U luistert en vraagt door.
  • Vraag, maar zeg het antwoord niet voor. Ook niet als u het weet.
  • Prijs de aanpak, niet alleen het antwoord.
  1. Lees de zin hardop voor. Zeg bij een opsomming: โ€˜Bij een opsomming gebruik je een komma, behalve bij en/of.โ€™
    VraagIs dit een opsomming? Waar komt de komma?
  2. Spreekt iemand een ander aan? Zeg: โ€˜Voor of na de naam van iemand die je aanspreekt, gebruik je een komma.โ€™
    VraagWie wordt er aangesproken? Waar komt de komma?
  3. Een voegwoord in de zin? Dan komt er een komma voor, behalve bij en en of.
    VraagStaat er een voegwoord in de zin? Welk?
  4. Zoek de zinsdelen: persoonsvorm (pv), werkwoordelijk gezegde (wwg) en onderwerp (ond). Zeg de zin als vraag of in een andere tijd.
    VraagWelk woord is de persoonsvorm? Wie of wat + de persoonsvorm?

Samen oefenen aan tafel

  1. Lees voor; uw kind schrijft de zinnen op, met de komma: โ€˜Ik heb mijn pet handschoenen en warme sokken ingepakt.โ€™ ยท โ€˜Oma heb je ook honger?โ€™ ยท โ€˜Bedankt voor de hulp opa.โ€™Vraag: waar komt de komma? Wat is de regel?
  2. Lees voor: โ€˜Mijn fiets is stuk dus ik ga lopen.โ€™ Uw kind schrijft de zin op met de komma en zoekt het voegwoord.Vraag: welk woord verbindt de twee delen van de zin?
  3. Lees voor: โ€˜In de tuin plukten wij appels peren en pruimen.โ€™ Uw kind schrijft de zin op met de komma en zoekt de persoonsvorm en het onderwerp.Vraag: wie of wat + de persoonsvorm?
  4. Lees voor: โ€˜Mijn oom draagt een wollen muts.โ€™ Uw kind zoekt het stoffelijk bijvoeglijk naamwoord en de persoonsvorm en zegt de zin ook in de verleden tijd.Vraag: van welk materiaal is de muts gemaakt?

Hoe ging het?

Tip van de juf

  • Veelgemaakte fout: een komma vergeten, of er รฉรฉn te veel zetten, vooral voor en of of.
  • Vraag bij elke komma: waarom staat hij hier? Dan oefent uw kind de regel, en gokt het niet.
Antwoorden voor de ouder: 1: Ik heb mijn pet, handschoenen en warme sokken ingepakt. ยท Oma, heb je ook honger? ยท Bedankt voor de hulp, opa. ยท 2: Mijn fiets is stuk, dus ik ga lopen. Voegwoord: dus ยท 3: In de tuin plukten wij appels, peren en pruimen. Persoonsvorm plukten; onderwerp wij ยท 4: wollen (van wol); persoonsvorm draagt; verleden tijd: Mijn oom droeg een wollen muts
Home coaching card ยท De Bloesem

Revising grammar: the comma

Year group 6Spelling ยท Block 6, week 4 ยท lesson 310 min, no screens

Learning goal: "I can correctly use the parts of grammar I still find difficult."

How you coach: the comma and the parts of the sentence

Today your child revised grammar. The comma gives a short pause in the sentence. A comma goes in a list (except before en and of: and, or), before a voegwoord (conjunction, except en and of) and before or after the name of the person being spoken to. Your child also found the parts of the sentence in a sentence.

  • Let your child explain. You listen and ask more.
  • Ask, but do not give the answer. Not even if you know it.
  • Praise the method, not just the answer.
  1. Read the sentence aloud. With an opsomming (list) say: โ€˜Bij een opsomming gebruik je een komma, behalve bij en/of.โ€™ (In a list you use a comma, except before en/of: and/or.)
    AskIs this a list? Where does the comma go?
  2. Is someone speaking to another person? Say: โ€˜Voor of na de naam van iemand die je aanspreekt, gebruik je een komma.โ€™ (Before or after the name of the person you are talking to, you use a comma.)
    AskWho is being spoken to? Where does the comma go?
  3. A voegwoord (conjunction) in the sentence? Then a comma goes before it, except with en and of.
    AskIs there a conjunction in the sentence? Which one?
  4. Find the parts of the sentence: persoonsvorm (pv, finite verb), werkwoordelijk gezegde (wwg, all the verbs together) and onderwerp (ond, subject). Say the sentence as a question or in another tense.
    AskWhich word is the finite verb? Who or what + the finite verb?

Words in bold are the Dutch words your child uses in class.

Practise together at the table

  1. Read aloud; your child writes the sentences with the comma: โ€˜Ik heb mijn pet handschoenen en warme sokken ingepakt.โ€™ ยท โ€˜Oma heb je ook honger?โ€™ ยท โ€˜Bedankt voor de hulp opa.โ€™Ask: where does the comma go? What is the rule?
  2. Read aloud: โ€˜Mijn fiets is stuk dus ik ga lopen.โ€™ Your child writes the sentence with the comma and finds the conjunction.Ask: which word joins the two parts of the sentence?
  3. Read aloud: โ€˜In de tuin plukten wij appels peren en pruimen.โ€™ Your child writes the sentence with the comma and finds the finite verb and the subject.Ask: who or what + the finite verb?
  4. Read aloud: โ€˜Mijn oom draagt een wollen muts.โ€™ Your child finds the stoffelijk bijvoeglijk naamwoord (material adjective) and the finite verb, and also says the sentence in the past tense.Ask: what material is the hat made of?

How did it go?

Tip from the teacher

  • Common mistake: forgetting a comma, or adding one too many, especially before en or of.
  • Ask with every comma: why is it here? Then your child practises the rule instead of guessing.
Answers for the parent: 1: Ik heb mijn pet, handschoenen en warme sokken ingepakt. ยท Oma, heb je ook honger? ยท Bedankt voor de hulp, opa. ยท 2: Mijn fiets is stuk, dus ik ga lopen. Conjunction: dus ยท 3: In de tuin plukten wij appels, peren en pruimen. Persoonsvorm plukten; onderwerp wij ยท 4: wollen (van wol); persoonsvorm draagt; past tense: Mijn oom droeg een wollen muts

Was deze kaart nuttig?Was this card useful?

Anoniem: alleen het aantal gaat naar de juf.Anonymous: only the count goes to the teacher.

Deze kaart in een andere taal of laten voorlezen? Scan de code. This card in another language or read aloud? Scan the code.
De Bloesem ยท groep 6 ยท gemaakt bij de les van de juf De Bloesem ยท group 6 ยท made with the teacher's lesson