Coachkaart voor thuis ยท De Bloesem

Getallen op de getallenlijn plaatsen

Groep 6Rekenen ยท Blok 2, week 1 ยท les 410 min, zonder scherm

Lesdoel: "Ik kan getallen tot 10ย 000 op de getallenlijn plaatsen, tussen duizendtallen en honderdtallen."

Zo coacht u: het stappenplan 'een getal op de getallenlijn plaatsen' van school

Uw kind leerde vandaag getallen tot 10ย 000 op een getallenlijn zetten, ongeveer. Eerst kijkt het hoe groot de sprongen zijn. Op een lijn van 0 tot 10ย 000 met 10 sprongen is elke sprong 1000. 7480 ligt dan tussen 7000 en 8000, halverwege (bij 7500).

  • Laat uw kind vertellen. U luistert en vraagt door.
  • Vraag, maar zeg het antwoord niet voor. Ook niet als u het weet.
  • Prijs de aanpak, niet alleen het antwoord.
  1. Hoe groot zijn de sprongen? Kijk naar het begin en het eind van de lijn en tel de streepjes.
    VraagWaar begint en waar eindigt de lijn? Hoeveel sprongen zijn het, en hoe groot is elke sprong?
  2. Tussen welke twee streepjes ligt het getal?
    VraagTussen welke twee streepjes ligt het getal?
  3. Waar ligt het getal ongeveer? Vlak voor, vlak na of halverwege een streepje?
    VraagLigt het getal vlak voor, vlak na of halverwege een streepje?

Samen oefenen aan tafel

  1. Teken een getallenlijn van 0 tot 10ย 000, met een streepje bij elk duizendtal. Tussen welke twee streepjes ligt 5030, en waar ongeveer?Vraag: hoe groot is elke sprong? Ligt 5030 dichtbij of ver van een streepje?
  2. Op dezelfde lijn: tussen welke twee streepjes ligt 6960, en waar ongeveer?Vraag: tussen welke twee duizendtallen? Dichter bij het streepje links of rechts?
  3. De lijn loopt van 4000 tot 5000, met 10 gelijke sprongen. Een pijl staat 6 streepjes na 4000. Welk getal hoort bij de pijl?Vraag: hoe groot is elke sprong nu? Hoeveel sprongen zijn het?
  4. Uit het dagelijks leven: een concertzaal had dit jaar 9050 bezoekers. Zet dat getal op je lijn van opgave 1. Tussen welke twee streepjes ligt het, en waar ongeveer?Vraag: hoe groot zijn de sprongen op jouw lijn? Tussen welke twee streepjes ligt het getal?

Hoe ging het?

Tip van de juf

  • Dรฉ valkuil van vandaag: de sprongen '1000' blijven noemen terwijl de lijn is ingezoomd. Van 3000 tot 4000 is elke sprong 100. Laat uw kind altijd eerst stap 1 hardop doen: begin, eind, aantal sprongen.
  • Het gaat om 'ongeveer': een pijl hoeft niet millimeter precies. Laat uw kind zelf een lijntje tekenen en zeggen 'vlak voor', 'halverwege' of 'net na'.
Antwoorden voor de ouder: 1: tussen 5000 en 6000, net na 5000 ยท 2: tussen 6000 en 7000, vlak voor 7000 ยท 3: 4600 ยท 4: tussen 9000 en 10ย 000, net na 9000.
Home coaching card ยท De Bloesem

Placing numbers on the number line

Year group 6Maths ยท Block 2, week 1 ยท lesson 410 min, no screens

Learning goal: "I can place numbers up to 10ย 000 on the number line, between thousands and hundreds."

How you coach: the school's plan 'Placing a number on the number line'

Today your child learned to put numbers up to 10ย 000 on a number line, roughly. First your child looks at how big the jumps are. On a line from 0 to 10ย 000 with 10 jumps, each jump is 1000. 7480 is then between 7000 and 8000, halfway (at 7500).

  • Let your child explain. You listen and ask more.
  • Ask, but do not give the answer. Not even if you know it.
  • Praise the method, not just the answer.
  1. How big are the sprongen (jumps)? Look at the start and the end of the line and count the marks.
    AskWhere does the line start and end? How many jumps are there, and how big is each jump?
  2. Between which two marks is the number?
    AskBetween which two marks is the number?
  3. Roughly where? Vlak voor (just before), vlak na (just after) or halverwege (halfway) a mark?
    AskIs the number just before, just after or halfway a mark?

Words in bold are the Dutch words your child uses in class.

Practise together at the table

  1. Draw a number line from 0 to 10ย 000, with a mark at each thousand. Between which two marks is 5030, and roughly where?Ask: how big is each jump? Is 5030 close to or far from a mark?
  2. On the same line: between which two marks is 6960, and roughly where?Ask: between which two thousands? Closer to the mark on the left or on the right?
  3. The line goes from 4000 to 5000, with 10 equal jumps. An arrow is 6 marks after 4000. Which number goes with the arrow?Ask: how big is each jump now? How many jumps are there?
  4. From daily life: a concert hall had 9050 visitors this year. Put that number on your line from exercise 1. Between which two marks is it, and roughly where?Ask: how big are the jumps on your line? Between which two marks is the number?

How did it go?

Tip from the teacher

  • The typical trap: still calling the jumps '1000' when the line has been zoomed in. From 3000 to 4000 each jump is 100. Let your child always do step 1 aloud first: start, end, number of jumps.
  • It is about 'roughly': an arrow does not have to be exact. Let your child draw a little line and say vlak voor, halverwege or net na (just after).
Answers for the parent: 1: between 5000 and 6000, just after 5000 ยท 2: between 6000 and 7000, just before 7000 ยท 3: 4600 ยท 4: between 9000 and 10ย 000, just after 9000.

Was deze kaart nuttig?Was this card useful?

Anoniem: alleen het aantal gaat naar de juf.Anonymous: only the count goes to the teacher.

Deze kaart in een andere taal of laten voorlezen? Scan de code. This card in another language or read aloud? Scan the code.
De Bloesem ยท groep 6 ยท gemaakt bij de les van de juf De Bloesem ยท group 6 ยท made with the teacher's lesson